Ondernemers en buitenlandse belastingen: Episode 2 Dubbelbelastingverdragen
Deze bijdragen behandelen de inkomstenbelastingen waarmede de ondernemer en ondernemingen kunnen worden geconfronteerd in internationale context met betrekking tot hun ondernemingswinst. En dit gebeurt doorgaans sneller dan ondernemers en ondernemingen beseffen. Deze bijdragen hebben niet de bedoeling allesomvattend te zijn maar louter de beginselen toe te lichten waarmede de ondernemer en ondernemingen moeten rekening mee houden in hun bedrijfsvoering. Deze bijdragen worden in drie delen gepubliceerd:
- Wie, wat en waar (volgens de Belgische wetgeving) Reeds verschenen
- Dubbelbelastingverdragen: wie, wat en waar? Huidige bijdrage
- Ondernemingen en inrichtingen in het buitenland Nog te verschijnen
Voorwoord
We hebben de vraag al zo dikwijls gekregen. Kan ik niet beter een vennootschap oprichten in Nederland of Luxemburg want dan ben ik daar belastbaar in plaats van in België?
Zo simpel is dat echter niet. Het land waar een onderneming wordt opgericht is niet zomaar determinerend om te bepalen in welk land een onderneming belastbaar is. Er zijn veel meer factoren waarmede rekening moet worden gehouden.
Het juiste advies bekomen met betrekking tot internationale fiscaliteit is voor de ondernemer ook niet altijd gemakkelijk. Zo had een ondernemer eens een advies gekregen om een vennootschap in de Verenigde Staten van Amerika op te richten en men dan enkel daar belastbaar zou zijn zolang men geen vergoeding opneemt uit die vennootschap als Belgische ingezetene. Zo gaat het uiteraard niet. In het geval van ondernemen in het buitenland is het eerste advies "bezint voor je begint". Met andere woorden laat u voldoende correct inlichten.
Inleiding
In de eerste episode hebben we de regeling voor de internationale belastbaarheid als ondernemer besproken vanuit de Belgische belastingwetgeving. Hieruit blijkt dat het altijd niet duidelijk is in welk land men belasting verschuldigd is en dat men al wel eens kan geconfronteerd worden met het feit dan met in twee landen belasting betaald op hetzelfde inkomen.
In dat geval spreekt men van dubbele belasting. België heeft met vele landen daarom een verdrag afgesloten om juist dat te voorkomen. Deze verdragen worden dubbelbelastingverdragen genoemd. Het "model" daarvoor is vastgelegd door de OESO om te voorkomen dat alle verdragen verschillend zouden zijn opgebouwd, doch zijn landen niet verplicht dit model te volgen. Elk verdrag heeft zodoende zijn eigen afwijkingen van het modelvedrag van de OESO.
Maar in sommige gevallen leidde deze verdragen er toe dat ondernemingen opzoek gingen naar de minst belaste weg of zelfs wegen zochten om nergens belast te worden. Dit heeft men middels diezelfde OESO proberen op te vangen door landen de mogelijkheid te bieden de mazen in het net versneld te dichten. In het beroepsjargon noemt men dit het Multilateraal Instrument, afgekort MLI.
Dit alles in detail bespreken zou ons te ver voeren en is ook niet de bedoeling van deze bijdrage. In deze bijdrage beperken we ons tot de algemene bedoeling van de belastingverdragen qua inwonerschap, de bepalingen uit de verdragen die definiëren waar iemand woont en dus in welk land iemand in eerste instantie belastbaar is.
Dubbelbelastingverdragen hebben voorrang
Dubbelbelastingverdragen zijn dus meestal gelijkaardig opgebouwd. Ze bevatten bepalingen over elk soort belastbaar inkomen waaronder dus allerlei soorten beroepsinkomsten zoals loontrekkende inkomsten, pensioenen, inkomsten van sporters en artiesten, vergoedingen van bestuurders en uiteraard ook ondernemingswinsten. Maar beginnen doen ze allemaal met te bepalen op welke personen het verdrag van toepassing is en van welk land men inwoner is.
Wordt men in een dubbelbelastingverdrag als een inwoner van België beschouwd heeft dit als gevolg dat men op zijn wereldwijd inkomen in België belastbaar is (zie episode 1). Maar door dit verdrag kan België ook verplicht worden een deel van de inkomsten vrij te stellen omdat het verdrag bepaalt dat deze in het andere land belastbaar zijn.
Ook belangrijk om weten is dat in België een dubbelbelastingverdrag voorrang heeft op de nationale wetgeving. Zijn de bepalingen in de nationale wetgeving, besproken in episode 1, en het dubbelbelastingverdrag verschillend heeft het dubbelbelastingverdrag voorrang. Maar dit is echter niet zo in elk land.
Op wie zijn belastingverdragen van toepassing?
In artikel 1 van het modelverdrag wordt bepaald op wie het dubbelbelastingverdrag van toepassing is. Verdragen zijn van toepassing op personen, natuurlijke personen en rechtspersonen (o.a. vennootschappen), indien zij "inwoner" zijn van één van beide Staten die het verdrag onderling hebben afgesloten.
Met ander woorden is het dubbelbelastingverdrag tussen België en Frankrijk van toepassing op natuurlijke en rechtspersonen die inwoner zijn van België of Frankrijk.
Maar men moet steeds voorzichtig zijn met vennootschapsvormen zonder rechtspersoonlijkheid. Zo is een maatschap in België een populaire samenwerkingsvorm tussen projectontwikkelaars in de onroerende sector. Een maatschap heeft echter geen rechtspersoonlijkheid en men zal moeten kijken naar de achterliggende ondernemingen om het inwonerschap te bepalen.
Artikel 4 van het modelverdrag bepaalt van welk land men inwoner is. Zo is men "inwoner" van een land indien men krachtens de wetgeving van dat land belastingplichtige is op grond van woonplaats, verblijfplaats, plaats van leiding of enig ander criterium van soortgelijke aard.
Dus om die verdragsbepaling toe te passen moet men bijvoorbeeld voor de Belgische dubbelbelastingverdragen nagaan of men inwoner is van België volgens de Belgische wetgeving. De Belgische wetgeving werd besproken in episode 1 van deze bijdragen.
Een pientere lezer heeft dan al begrepen dat het kan voorkomen dat men volgens de eigen wetgeving van de twee landen in beide landen als "inwoner" wordt beschouwd.
Criteria om inwonerschap te bepalen
In artikel 4 van het modelverdrag worden dan ook criteria aangereikt om het inwonerschap te bepalen indien men van beide landen die het dubbelbelastingverdrag hebben afgesloten volgens hun eigen interne wetgeving inwoner is.
Indien een rechtspersonen (o.a. vennootschappen) volgens de interne wetgeving van beide Staten inwoner is zullen beide landen overleg plegen om te bepalen van welk land de rechtspersoon inwoner is op basis van volgende criteria:
- De plaats van werkelijke leiding
- De plaats waar de rechtspersoon werd opgericht of enigerlei wijze is gevestigd
- Elk ander relevant criteria
In deze gevallen zijn het dus de landen die onderling beslissen van welk land de rechtspersoon inwoner is. Komen beide landen niet tot overeenstemming kan de rechtspersoon geen gebruik maken van het dubbelbelastingverdrag om belastingverminderingen of vrijstellingen te bekomen in het ene of ander land.
Indien een natuurlijk persoon volgens de interne wetgeving van beide Staten inwoner is gelden volgende regels:
- de natuurlijke persoon wordt geacht inwoner te zijn van het land waar deze zijn vaste woonplaats ter beschikking heeft.
- indien de natuurlijke persoon in beide landen een vaste woonplaats heeft wordt deze geacht inwoner te zijn van het land waar de persoonlijke en economische banden nauwer mee verbonden zijn (centrum van de levensbelangen: zie episode 1)
- kan het centrum van de levensbelangen ook niet worden vastgesteld is de natuurlijke persoon inwoner van het land waar zijn gewoonlijke verblijfplaats is gevestigd. Dit is dan doorgaans het land waar men meestal verblijft.
- kan voorgaande ook niet worden vastgesteld is de natuurlijke persoon inwoner van het land waarvan deze de nationaliteit heeft of onderdaan van is.
- indien de natuurlijke persoon inwoner of onderdaan is van beide landen of van geen van beide landen zullen beide landen in onderling overleg bepalen van welk land die persoon inwoner is.
Is men dan enkel belastbaar in het land waarvan men inwoner is?
Als uiteindelijk is vastgesteld van welk land de natuurlijke of rechtspersoon inwoner is is deze, in het geval van België, in België belastbaar op zijn wereldwijd inkomen.
Dit wil echter niet zeggen dat men enkel in het land van inwonerschap belastbaar is. Specifiek in het geval van ondernemers en ondernemingen zijn er nog andere bepalingen die tot gevolg kunnen hebben dat in het land van inwonerschap inkomsten van de onderneming worden vrijgesteld en deze mogen worden belast in het andere land waarvan men geen inwoner is.
Deze bepalingen omvatten dan de regeling om te bepalen wanneer een onderneming in het andere land een "vaste inrichting" heeft die aldaar belastbaar is, en dus niet in het land waarvan de onderneming inwoner is. Het gaat dan over tewerkstelling van personeel evenals de beschikbaarheid van "materieel" in het andere land. Hierover meer in episode 3.

Reacties
Een reactie posten